dc-andriessen

 

D.C. Andriessen Stadstekenschool

Tekening van D.C Andriessen gemaakt als opzichter aan de stadstekenschool

Dionisius Cornelis Andriessen

 ( 27-2-1855 - 4-9-1912)

Dionisius Cornelis bleek niet alleen een getalenteerde horlogemaker maar ook erg artistiek. Als jonge jongen bleek hij al een begaafd tekenaar en het was aanvankelijk helemaal niet zo zeker of hij de zaak van zijn vader zou kunnen overnemen, de klandizie twijfelde of hij wel net zo goed was als zijn vader. Hij hield er nogal moderne ideeën op na. Zo was hij een sterk voorstander van de nieuwe platte Franse horloges in plaats van de dikke zware Engelse uurwerken. Zijn eerste betrekking was dan ook niet als horlogemaker maar hij werd benoemd door het gemeentebestuur als "opzichter bij het handtekeenen in de Stadsteekenschool", waar hij zelf ook leerling was geweest. Na drie jaar houdt hij het toch maar voor gezien en neemt ontslag in 1875. Hij gaat in de zaak van zijn vader werken. Steeds meer neemt hij de werkzaamheden over en sinds zijn huwelijk in 1881 met een dochter van de overbuurman, Louisa van Mechelen, wordt steeds vaker erover gesproken om het bedrijf over te nemen, wat dan in 1883 daadwerkelijk gebeurt. Daarnaast bekwaamde hij zich ook in het vak van goudsmid.

In het jonge gezin zijn reeds twee meisjes geboren maar een zoon als opvolger dient zich pas aan in 1886, Cornelis Johannes Gabriël. Uiteindelijk bestaat het gezin uit 9 kinderen, waarvan er vijf in het juweliersvak terechtkomen. Daarnaast was het zeer gebruikelijk dat een groot en goed katholiek gezin toch minstens enkele geestelijken voortbracht. Bijzonder is dan ook de late roeping van Pater Piet Andriessen die eerst voor horlogemaker had geleerd. Als missiepater in de Kongo begon hij in de stad Bondo een school waar men het vak van horlogemaker kon leren. Naarmate het gezin groter werd groeide ook het bedrijf, naast uurwerken was ook de verkoop van goud en zilverwerk en optiek ter hand genomen. Hij werd bovendien lid van de Union Horlogère wat later het merk Alpina op de markt bracht.

Naast het pand op de Bosstraat werden de panden Grote Markt 22 en 22a aangekocht. D.C. Andriessen bouwde niet alleen het bedrijf verder uit, maar ook op sociaal vlak was hij erg actief onder meer in het R.K. Armenbestuur en het bestuur van armenhuis wat nog steeds bekend staat als "de Blok"'. Zijn plotselinge dood was niet alleen een schok voor de familie maar kennelijk ook een verlies voor de stad gelet op de berichtgeving in de kranten van die dagen. De twee oudste zonen Antoine en Cornelis zetten de onderneming voort en krijgen ieder een afdeling. Antoine vertrekt met zijn Goud- en Zilverafdeling naar Grote Markt 15 en daarna naar Grote Markt 25 waar een compleet atelier achter dit pand werd ingericht. Cornelis Andriessen bleef in het pand van zijn vader werkzaam. Het pand in de Bosstraat werd omgebouwd tot woonhuis voor de weduwe Andriessen - van Mechelen.

Van D.C. Andriessen is gelukkig meer bewaard gebleven, naast diverse archiefstukken komen nog regelmating klokken in de reparatie. In die tijd ging men nog langs bij de gegoede burgerij om de klokken aan huis op te winden, men kon er een abonnement voor afsluiten. Als reclame gaf hij ook een boekje uit met de dienstregelingen voor de trein en bus. Vanzelfsprekend stond daar ook de tramlijn van Antwerpen naar Tholen bij. Ook Antoine en Cornelis zouden nog enkele jaren deze boejes uitgeven.